De oorsprong van het kaartleggen is zeer duister, maar er bestaan verschillende theorieën over.
De ene gaat er vanuit dat de oorsprong van het kaartleggen in Egypte ligt. Sommige geleerden
zijn namelijk van mening dat de eerste kaartleggingen om godsdienstige redenen plaatsvonden.
Een andere theorie zegt dat de eerste speelkaarten uit China stammen uit de 7e eeuw.
Wederom anderen zeggen dat de eerste waarzegkaarten uit het middeleeuwse lots-orakelen ontstond. Vermoed wordt echter dat kaartleggen bij de zigeuners zijn oorsprong vindt, daar zij het waarzeggen met behulp van kaartleggen al vroeg beheersten. Zij hebben het ook in de 13e eeuw Europa binnen gebracht. Officieel worden speelkaarten voor het eerst in 1367 in Zwitserland vermeld.
Al snel verbreide het kaarleggen zich over Europa, aan de ene zijde om gebruikt te worden om te spelen ; aan de andere zijde werden de kaarten gebruikt voor het waarzeggen door kaartleggen. In die tijd was het kaartleggen ook bij de adel zeer geliefd. En regelmatig werd
er dan ook een kaartlegger uitgenodigd om de adel te amuseren met een blik in de toekomst omtrent hun lot. In het jaar 1505 werd er voor het eerst gesproken over het woord Tarot in Italië en Frankrijk ook wel Taraux of Tarocchi genoemd.
Oorspronkelijk zijn echter de Tarotkaarten of Tarot-achtige kaarten bekend onder de naam „Trionfi“(wat triomf betekend) Het oudste „Trionfi-spel“ ontstond vermoedelijk zo rond 1425 en werd door de Milaanse hertog Filip Maria Visconti in opdracht gegeven.
Het kaartspel kostte in die tijd 1500 dukaten, wat voor die tijd zeer veel geld was.
Getekend en geschilderd werden de kaarten door Michelino da Besozzo. In die tijd bekent als een van de beste schilders. Uit de oorspronkelijk bedoelde speelkaarten voor het spel ontwikkelde zich het kaartleggen ook wel kartomanie genoemd, met de speelkaarten.
De kerk echter noemde het kaartspel en ook het kaartleggen een spel van de duivel en stelde
het openlijk aan de kaak. Ondanks verschillende wettelijke verboden konden de kaarten echter niet uit het dagelijkse leven verbannen worden en zo „overleefde“ het kaartleggen. Met de uitvinding van de boekdruk in de 15e eeuw kon de zegentocht van de speelkaarten niet meer gestopt worden aangezien nu verspreiding in grote oplagen mogelijk was.
In de loop der tijd ontwikkelde zich verschillende waarzegkaarten enkel tot het gebruik voor kaartleggen, ook in deze tijd nog zeer geliefd. Marie Anne Lenormand, beter bekent als madame/mevrouw Lenormand was een zeer beroemde helderziende en kaartlegster die in 1800 haar sporen verdiende door haar toekomstvoorspellingen aan tijdsgenoten, daaronder ook keizer Napoleon. Ze maakte gebruik van Tarotkaarten en ontwikkelde daaruit haar eigen kaarten, de naar haar vernoemde Lenormandkaarten.
Een Kaarten-dek bestaat uit 36 kaarten, op elke kaart staat een ander symbool zoals bijvoorbeeld de zon, een slang of een hart. In 1873 ontwikkelde Susanne Kipper de Kipperkaarten die momenten uit het leven in afbeeldingen laten zien. De kaartlegger kan hiermee duidelijke lotsbestemmingen van de vrager zien.
De interesse om het kaartleggen met Tarot werd in 1910 vergroot toen het Waite-Tarot verscheen, (ook wel bekend onder ridder-Waite-tarot) van Arthur Edward Waite.
Dit was het eerste Tatot-dek dat enkel uit afbeeldingen bestond. Een ander zeer bekend en geliefd Tarot-dek is het kaarten-dek van Aleister Crowley, dat in 1912 ontwikkeld werd en uit zeer mysterieuze afbeeldingen, bijna occulte afbeeldingen bestaat. Kaartleggers hebben vele kaarten-deks tot hun beschikking van Tarot tot Skatkaarten en Engelenkaarten.
In ieder geval tot op de dag van vandaag trekt ons het mysterie van het waarzeggen door het kaartleggen in zijn ban en bewijst ons zijn diensten door de blik in de toekomst om onze lotsbestemming te vinden. Wij wensen u succes bij het vinden van de antwoorden op uw levensvragen.